Toen ik nog niet wist wat ik nu weet, worstelde ik vaak met het ‘temperamentvolle’ gedrag van mijn kinderen. Als je zelf een (vermoedelijk) hoogbegaafd kind hebt, of er eentje kent, weet je vast wel wat ik bedoel. Tranen, woedeuitbarstingen (zowel bij kind als moeder, moet ik eerlijk bekennen) en een machtsstrijd met eigenlijk alleen maar verliezers. Doodmoe werd ik ervan.

Tot ik besloot het anders aan te pakken. Bij de eerstvolgende ‘ontploffing’ ging ik op mijn knieen voor mijn zoon zitten, zei ‘het valt ook niet mee om 6 te zijn, he?’ en vroeg of hij een knuffel wilde. Tot mijn verrassing barstte hij in tranen uit en kroop diep weg in mijn armen. Ik besefte dat mijn dwarse, boze kind het eigenlijk gewoon verschrikkelijk moeilijk had, met zichzelf en zijn emoties. Juist op zo’n moment heeft hij mij heel hard nodig! Mijn steun– en niet een ‘preek’ of boze reactie – maakte dat hij weer kalmeerde en kon vertellen wat hem dwarszat. De aanleiding voor de ontploffing was daarna in 3 minuten opgelost, de les die ik eruit leerde werkt 3 jaar later nog steeds door.

Dit was het begin van een intensieve ontwikkeling, zowel persoonlijk als professioneel. Ik las, keek en volgde alles wat ging over hoogbegaafdheid, intensiteit, hooggevoeligheid, emotionele ontwikkeling en opvoeding. En hoe meer ik las, keek en volgde, hoe meer ik erachter kwam dat het gaat om leren kijken achter het gedrag. Want nu ik eenmaal zie welk behoeften er achter het gedrag liggen, kan ik ze nooit meer niet zien. En dat maakt het zoveel makkelijker! Want toen ik leerde tegemoet te komen aan die behoeften, verdween het lastige gedrag.

Groei

En inmiddels weet ik: ik hoef het niet perfect te doen, school hoeft niet perfect aan te sluiten. Dat gaat namelijk nooit lukken! Alles wat mijn kinderen werkelijk willen is dat ik ze zie en er voor ze ben. Dat ze voelen dat ze ertoe doen, dat ze zelf regie over hun leven ervaren en weten dat ze capabel zijn. Ze kunnen het zelf en ik ben er om op terug te vallen. Ik realiseer me ook dat ik een voorbeeld ben. Niet door het altijd goed te doen, maar juist door te laten zien hoe ik stuntel en leer, val en weer opsta. Ik ontplof nog steeds af en toe – en zij ook. En dat is ok, blijkbaar hoort die intensiteit gewoon bij ons. Maar ik heb geleerd hiermee om te gaan, om te vragen in plaats van te zeggen, om met mijn kinderen te praten in plaats van tegen ze. Ik ben niet meer bang als het moeilijk is, want ik weet dat daar de groei zit. Dat in het schuren juist de groei zit. Het is geweldig hoeveel groei er mogelijk is nu ik weet welke voedingsstoffen ze nodig hebben. Ik geniet enorm van de veranderingen die ik bij kinderen zie, zowel die van mezelf als die in mijn praktijk. En dat gun ik iedere ouder!

Typisch Mariëtte

Ik ben een kennisspons, volgens de Talententest die ooit deed. En inderdaad: je kunt me niet blijer maken dan met een nieuwe opleiding of een flinke stapel boeken, het is nooit genoeg. Maar kennis die alleen in mijn hoofd zit is eigenlijk vrij nutteloos, die kennis krijgt pas waarde als ik er iets mee doe. Zo is mijn praktijk ontstaan: ik wil doen wat ik het allerleukste vind, namelijk doorgeven wat ik geleerd heb. Over hoogbegaafdheid, gevoeligheid, intensiteit en bovenal over ‘kijken achter gedrag’. Anders kijken, daar begint de echte verandering.

Ik ben gek op nieuwe dingen leren en wil het liefst alles zelf kunnen. Ik stort me net als Pippi Langkous vol enthousiasme in nieuwe projecten, onder het motto ‘ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan’ En anders leer ik het wel. Ik word wel steeds beter in hulp vragen. Weliswaar na uren van youtube tutorials, zoeken op internet en zelf proberen, maar toch. Baby steps 😉

Visie

Ik ben zelf hoogbegaafd en hooggevoelig, maar ik ben allergisch voor mensen die deze termen als excuus gebruiken. Het zijn persoonlijkheidskenmerken, geen aandoeningen! Tegen ouders die hun kind bij mij als het ware ‘ter reparatie’ aanmelden zeg ik altijd ‘Sorry, ik kan je kind niet fixen en dat wil ik ook niet. Je kind is namelijk niet stuk. Ik kan je wel helpen zoeken naar de gebruiksaanwijzing’.

Mijn visie op HB wijkt een beetje af van wat gangbaar is. Ik merk namelijk dat de focus bij hoogbegaafdheid vrijwel automatisch gaat naar school en cognitie (Uitdaging nodig! Leren leren!), terwijl wat er werkelijk wringt een laag dieper zit. Hoogbegaafde kinderen worden op school niet begrepen, maar thuis vaak ook niet. Dat levert veel strijd, frustratie en onmacht op, zowel bij kinderen als ouders. Pas als het kind zich werkelijk gezien en geaccepteerd voelt komt hier verandering in. Thuis maakt het verschil!

Als je me zou kennen zou je weten dat:

  • Ik zo 26 ideeën uit mijn hoed tover voor een leuk project, maar echt nooit kan bedenken wat we deze week gaan eten…
  • Ik gek ben op schema’s en structuur, maar mijn bureau maximaal 10 minuten opgeruimd kan houden …
  • Ik ontzettend graag lees, liefst 10 boeken tegelijk en in het Engels.
  • Ik eigenlijk een ‘hoofd op pootjes’ ben (niet sportief is een understatement), maar tegenwoordig wel 2x per week hardloop. Dat komt doordat ik podcasts ontdekt hebt. Briljante uitvinding! Ondertussen iets nuttigs doen en vergeten dat ik aan het sporten ben. Ik kom altijd heel tevreden thuis, vooral als er in de podcast leuke boekentips zaten.
  • Mijn batterij oplaadt van (les)dagen vol nieuwe dingen, goede gesprekken en leuke mensen, maar ik er altijd wel een dag van moet bijkomen.
  • Ik eet alsof ik linkshandig ben omdat ik anders de vork in mijn neus prik, maar wel met behulp van 2 spiegels mijn eigen haar kan knippen. (‘Als het mislukt kan ik altijd nog naar de kapper’). Ik ben nog nooit uitgelachen. Althans, niet om mijn haar. Die vork is een ander verhaal.
  • Ik ontzettend kan balen als de trui die ik haak 7 keer opnieuw moet (zoveel werk!), maar zodra hij klaar is ogenblikkelijk aan een nieuwe begin (nog veel meer werk…). Maar ik doe zo wel lekker lang met mijn wol!
  • Ik hou van mooie dingen maken, maar nooit weet wat ik ermee moet als ze klaar zijn. Ok, een trui kan ik aan, maar wat moet je met 83 zentangles of 41 origamibollen? (Het juiste antwoord is: 4 jaar in een doos bewaren en vervolgens toch maar bij het oud papier gooien).